Wachtwoord genereren
Sterke wachtwoorden en wachtwoordzinnen maken.
Hulpmiddelen
Heen en weer omzetten tussen XML en JSON.
XML en JSON beschrijven verschillende dingen, en op drie punten wringt het.
Attributen. In XML kan een element zowel attributen als inhoud hebben. JSON kent dat onderscheid niet, dus attributen krijgen een voorvoegsel — vaak een apenstaartje — om ze van gewone velden te onderscheiden.
Herhaling. Eén element dat één keer voorkomt, wordt in JSON een waarde; hetzelfde element dat twee keer voorkomt, wordt een lijst. Dat betekent dat de structuur van je JSON verandert afhankelijk van hoeveel er in de XML stond — een bekende bron van fouten in verwerkende code.
Volgorde en gemengde inhoud. XML kan tekst en elementen door elkaar bevatten; JSON heeft daar geen nette vorm voor.
Voor eenvoudige, regelmatige XML werkt de omzetting prima. Voor documentgerichte XML met opmaak in de tekst niet.
XML komt in Nederland nog volop voor bij overheidskoppelingen, bankbestanden en oudere zakelijke systemen. JSON is de standaard geworden voor nieuwe koppelingen.
Naamruimten worden bij het omzetten meestal in de sleutelnaam opgenomen. Dat levert lange sleutels op, maar voorkomt botsingen.
Let bij het terugzetten naar XML op de codering: zet de declaratie er expliciet in als het bestand naar een systeem gaat dat daarop controleert.
Voor grote bestanden geldt de gewone grens: alles gebeurt in je browser, dus het geheugen bepaalt wat kan.
Er wordt niets verstuurd, wat bij bestanden uit koppelingen met persoonsgegevens het punt is.
Dat markeert XML-attributen, die in JSON geen eigen plek hebben.
Omdat het meer dan één keer voorkwam. Bij één keer wordt het een enkele waarde.
Voor regelmatige gegevens wel. Voor documentgerichte XML met opmaak in de tekst niet.
Die worden meestal in de sleutelnaam opgenomen om botsingen te voorkomen.
De grens is het geheugen van je browser.
Nee.