Taille-lengteverhouding
Verhouding tussen buikomvang en lengte.
Gezondheid & Wonen
Hoeveelheid beton en sterkteklasse.
De aanduiding noemt twee getallen: de druksterkte op een cilinder en op een kubus, in newton per vierkante millimeter.
| Klasse | Gebruikelijke toepassing |
|---|---|
| C8/10 | werkvloer, aanvulling |
| C12/15 | onbelaste funderingen |
| C20/25 | strokenfundering, vloer binnen |
| C25/30 | standaard voor dragend werk en buiten |
| C30/37 | zwaarder belast, waterdicht |
Voor de meeste klussen rond het huis — een terrasfundering, paalpoeren voor een schutting, een vloer onder een tuinhuis — is C25/30 de verstandige keuze. Het prijsverschil met C20/25 is klein en buiten telt vooral de vorstbestendigheid.
Naast de sterkteklasse staat de milieuklasse, die de omstandigheden beschrijft: XC voor carbonatatie, XF voor vorst, XA voor chemische aantasting. Voor buitenwerk met vorst en dooizout gelden zwaardere eisen dan binnen.
Bij dragende constructies is de uitvoering niet vrij: constructieberekening, wapening en betonkwaliteit horen bij een deskundige. Deze pagina helpt met de hoeveelheid, niet met de berekening.
De grens ligt lager dan de meeste mensen denken.
Tot ongeveer een halve kubieke meter is zelf mengen uit zakken werkbaar. Een zak van vijfentwintig kilo levert ruwweg twaalf liter beton, dus een halve kuub is al een flinke stapel zakken en een volle werkdag.
Vanaf ongeveer een kubieke meter loont geleverd beton bijna altijd. Het komt in constante kwaliteit, is in enkele minuten gestort en scheelt je het sjouwen.
De valkuil bij geleverd beton zijn de minimumafname en het wachtgeld. Vraag vooraf hoelang de wagen zonder toeslag kan blijven en of een goot volstaat of er een pomp nodig is. Bij Nederlandse binnensteden en smalle straten is de bereikbaarheid vaak het echte knelpunt.
Belangrijk bij zelf mengen: niet te veel water. Te nat beton verwerkt makkelijker en verliest fors aan sterkte. Houd de opgave op de zak aan.
Een paar posten die het volume opdrijven.
Reken vijf tot tien procent toeslag: de ondergrond is nooit vlak en bekisting geeft mee.
Denk aan de vorstvrije diepte. In Nederland wordt doorgaans ongeveer tachtig centimeter aangehouden, afhankelijk van de grondsoort. Een fundering die maar veertig centimeter diep zit komt in de winter omhoog, en dat scheurt wat erop staat.
De Nederlandse ondergrond is bovendien een factor op zich: in veel van het westen en noorden staat het grondwater hoog en is de grond slap. Bij zwaardere constructies kan heien of een plaatfundering nodig zijn, en dat is geen doe-het-zelfbeslissing.
Voor strokenfunderingen: lengte maal breedte maal diepte. Voor poeren: aantal maal het volume per poer. Voor vloeren: oppervlak maal dikte.
Bij het uitharden: beton heeft vocht nodig, geen droogte. Bescherm het de eerste dagen tegen zon en wind en houd het nat, anders scheurt de bovenlaag.
C25/30 voor de meeste klussen rond het huis, zeker buiten.
De druksterkte op een cilinder en op een kubus, in newton per vierkante millimeter.
Vanaf ongeveer een kubieke meter. Een halve kuub uit zakken is al een volle werkdag.
Vorstvrij, in Nederland doorgaans zo'n tachtig centimeter, afhankelijk van de grondsoort.
Ja, fors. Te nat beton verwerkt makkelijker en verliest veel sterkte.
Nee.