Afbeelding formaat wijzigen
Afmetingen van afbeeldingen aanpassen.
Afbeelding
Bestandsgrootte van afbeeldingen omlaag brengen.
Twee knoppen die vaak door elkaar worden gehaald, met heel verschillende effecten.
Verkleinen verandert de afmetingen: van 4000 bij 3000 pixels naar 1200 bij 900. Comprimeren houdt de afmetingen gelijk en slaat de gegevens zuiniger op, met wat kwaliteitsverlies.
Voor een website wil je vrijwel altijd eerst verkleinen en dan comprimeren. Een foto van 4000 pixels breed op een plek waar hij 600 pixels breed getoond wordt, is verspilling die geen enkele compressie goedmaakt.
Voor een bijlage die op ware grootte leesbaar moet blijven, is comprimeren de juiste keuze en verkleinen niet.
De keuze bepaalt meer dan de kwaliteitsschuif.
| Formaat | Sterk in | Let op |
|---|---|---|
| JPG | foto's | geen transparantie |
| PNG | lijnwerk, schermafbeeldingen, transparantie | groot bij foto's |
| WebP | allebei, duidelijk kleiner | overal ondersteund |
| AVIF | nog kleiner | trager te maken |
Voor het web is WebP inmiddels de standaardkeuze: bij gelijke kwaliteit doorgaans fors kleiner dan JPG, en het ondersteunt transparantie zoals PNG.
Een veelgemaakte fout is een schermafbeelding als JPG opslaan. Scherpe randen en tekst worden dan vlekkerig, en het bestand is vaak niet eens kleiner dan PNG. Schermafbeeldingen horen in PNG of WebP.
Voor JPG en WebP ligt het bruikbare gebied tussen ongeveer 70 en 85 procent kwaliteit.
Boven de 90 procent worden bestanden snel groter zonder dat iemand het verschil ziet. Onder de 60 procent zie je blokjes rond scherpe randen en vlekken in egale vlakken, vooral in luchten en huidtinten.
Vergelijk altijd op ware grootte. Op een miniatuur ziet elke compressie er acceptabel uit, ook een die dat niet is.
Let ook op wat er níet blijft: de meeste compressietools verwijderen EXIF-gegevens, wat voor privacy juist goed is — daar kan locatie en cameratype in staan. Maar ook de kleurprofielgegevens kunnen sneuvelen, en dan verschuiven kleuren zichtbaar. Bij foto's waar kleur telt, controleer dat.
En comprimeer altijd vanaf het origineel. Een al gecomprimeerde JPG nog eens comprimeren stapelt het verlies op; dat is niet terug te draaien.
Comprimeren houdt de afmetingen gelijk en slaat zuiniger op. Verkleinen verandert het aantal pixels.
Tussen 70 en 85 procent. Daarboven wordt het onnodig groot, daaronder zichtbaar slechter.
WebP. Bij gelijke kwaliteit doorgaans fors kleiner dan JPG, met transparantie.
Die staat waarschijnlijk in JPG. Gebruik PNG of WebP voor tekst en lijnwerk.
Meestal niet, en dat is voor privacy juist gunstig — er kan locatie in staan.
Nee. Alles gebeurt in je browser.